NIEUWS

Helen-1200x529.jpg
17/nov/2018

Danielle knijpt een oog dicht tegen de felle zon. Het andere oog is rood doorlopen en ik zie wat mascara op haar wang. ‘Misschien een terugval…?’ Nog voordat ik mijn gedachten kan afmaken zegt ze; ‘Het is uit.’. In gedachten gooi ik mijn zorgvuldig voorbereide sessie met oefeningen en een stukje hardlooptraining over mijn schouder en we ploffen neer op een bankje aan het water.

“Door mijn burn-out ben ik mijn destructieve relatie als het ware ontgroeit”

‘Wat is er gebeurd?’ Vraag ik. Dit had ik niet zien aankomen en moet even schakelen… ‘Vorige week na het in kaart brengen van mijn energiegevers en nemers werd ik me bewust van wat mij allemaal energie kost en merkte dat ik thuis meteen weer moe werd. Het ging de laatste tijd al veel minder goed omdat hij de veranderingen die ik doormaakte lastig vond. Ik gaf beter mijn grenzen aan en was ook veel minder aan het ‘pleasen’. Hij had moeite met de Danielle 2.0 zei hij. Ik wist het al langer maar zag opeens heel duidelijk in dat mijn rol in deze relatie erg destructief was en hoe het heeft bijgedragen aan mijn burn-out. Ik wil deze energieslurpers niet meer… Ik ben verdrietig maar op een rare manier ook opgelucht. Door mijn burn-out ben ik mijn destructieve relatie als het ware ontgroeit’

“Je gebrek aan energie helpt je om voor jezelf te kiezen waardoor je weer in je kracht komt te staan.”

Een burn-out legt alle energienemers bloot. Dingen waar je vroeger tegenop zag of met tegenzin deed, zijn nu praktisch onmogelijk. Met het kleine beetje energie moet je de dag doorkomen en dat maakt je kritisch en zuinig. Hierdoor wordt je gedwongen om keuzes te maken waarbij je jezelf en je energie centraal stelt. Je doet als het ware aan ‘Gezond Egoisme’. Dit is dan ook het magische moment binnen de coaching waarbij een burn-out de katalysator wordt voor positieve verandering; Je gebrek aan energie helpt je om voor jezelf te kiezen waardoor je weer in je kracht komt te staan.

“Waarom doe je dingen tegen je zin? Waar komt dat plichtsgevoel vandaan? En waarom gaat dit ten koste van jezelf?”

Een belangrijk onderdeel van de Instatera Methodiek is om die energie nemers onder de loep te nemen en daarbij kritische vragen te stellen; Waarom doe je dingen tegen je zin? Waar komt dat plichtsgevoel vandaan? En waarom gaat dit ten koste van jezelf?

In het geval van Danielle werd door het stellen van deze vragen duidelijk dat ze heel veel energie kwijt raakte aan het in stand houden van een destructieve relatie. Door voor zichzelf te kiezen vond ze de kracht en de motivatie om deze relatie te beëindigen en haar destructieve patronen zoals zichzelf wegcijferen en pleasen los te laten.

Een week lang alleen op vakantie zonder smart phone of internet. Alleen een oude Nokia voor noodgevallen. Ze kwam als herboren thuis!

Hetzelfde geldt voor mijn cliënt Helen; ze kampte al jaren met chronisch slaapgebrek door haar telefoonverslaving. Door haar burn-out werd ze gedwongen om haar energienemers te elimineren. Afgelopen week deed ze geheel zelfstandig een ‘Digital Detox’. Een week lang alleen op vakantie zonder smart phone of internet. Alleen een oude Nokia voor noodgevallen. Ze kwam als herboren thuis!

Ook David gebruikte zijn burn-out als katalysator voor positieve kracht. Hij koos ervoor weer contact te maken met zijn vader na een lange periode van stilte. Het in stand houden van zijn boosheid bleek hem meer energie te kosten dan het begraven van de strijdbijl.

Irene was het zat om in de rotzooi te leven en besloot om eindelijk te gaan opruimen en overzicht te creëren binnen haar leef en werkomgeving. Dit gaf haar de rust en ruimte die ze nodig had om de eerste stappen richting haar herstel te maken.

Jeffrey liep zichzelf voorbij door zijn overmatige behoefte aan waardering en erkenning waardoor hij eigenlijk altijd de kracht buiten zichzelf legde en nooit toekwam aan zichzelf. Door zichzelf wat meer centraal te stellen en minder in dienst te staan van anderen kreeg hij ruimte en energie terug.

Ga eens bij jezelf na, wat zou jij kunnen doen om ruimte voor herstel te maken?Vraag je af wat of wie je onnodig veel energie kost en in hoeverre je plichtsgevoel om dit in stand te houden ten koste van jezelf gaat? Hoe zou dit anders kunnen?

Wil jij ook jouw burn-out als katalysator voor positieve verandering gebruiken? Maak hier vrijblijvend een afspraak voor een intake gesprek.

 

Liselotte Betist – Een dag als coach bij Instatera in beeld. In mijn blog deel ik bijzondere momenten met medewerkers, managers en executives en schrijf ik over de valkuilen waar we allemaal dagelijks mee te maken hebben. Volg me en je wordt automatisch op de hoogte gesteld van mijn volgende blog!


Instatera-methodiek-burn-out-en-stress-1200x800.jpg
17/nov/2018

”Het zijn niet de problemen zelf die ’t ons zo moeilijk maken, maar de manier waarop we tegen deze problemen aankijken.” (Epictetus) Met andere woorden… stress kan worden veroorzaakt door onze interpretatie van gebeurtenissen.

Iedereen ervaart onplezierige emoties zoals spanning, stress, onrust, irritatie en teleurstelling. Deze negatieve emoties zijn in drie groepen onder te verdelen in de drie B’s van bang, boos en bedroefd. Onplezierige emoties horen bij het leven en zijn zelfs zinvol!
Maar… Vaak ervaren we deze onplezierige emoties terwijl dat eigenlijk niet nodig is. Ze zijn dan als het ware niet-adequaat of we ervaren deze onplezierige emoties langer of sterker dan gewenst is. Je hebt er dan meer last van dan nodig is en je wilt misschien wel leren om hier minder last van te hebben. Een mogelijkheid om dit te leren is anders te leren denken.

“We bepalen voor het grootste gedeelte zelf of, en in hoeverre we onder problemen gebukt gaan. Een ongezonde, irrationele manier van kijken vergroot de moeilijkheden alleen maar en daardoor komen we niet toe aan het bedenken van mogelijke oplossingen.” (‘RET-jezelf’, Jan Verhulst)

“De meest voorkomende irrationele gedachten zijn die waar ‘moetens’ in zitten, ofwel u onderwerpt u met grote toewijding aan wat psychoanalytica Karen Horney ‘de tirannie van het moeten’ heeft genoemd.” ( ‘Moeten maakt gek’, Albert Ellis en Wouter Backx)

‘Moetisme’: je eist dat iets wel of niet had moeten plaatsvinden, in plaats van dat je dit wenselijk vindt. (PsychFysio opleidingen/Peter van Burken) De drie fundamentele ‘moetens’ die emotionele problemen veroorzaken zijn: 1. Ik moet… 2. Anderen moeten… 3. Het leven/de wereld/de omstandigheden moeten…


https://www.burnout.expert/wp-content/uploads/2018/04/Gezonddenkenleidttotbetervoelenendoen-Instatera-MoniqueWillingeGratama.jpg

https://www.burnout.expert/wp-content/uploads/2017/07/Solvo_728x902.jpg

RET, Rationeel Emotieve Therapie, is een therapie die helpt om belemmerende overtuigingen om te buigen in bevorderende overtuigingen.

Belemmerende overtuigingen stagneren en staan het bereiken van doelen in de weg. Belemmerende overtuigingen gaan gepaard met irrationele gedachten. Hier tegenover staan de bevorderende overtuigingen. Deze gaan gepaard met rationele gedachten en zijn juist behulpzaam bij het bereiken van gewenste doelen. RET onderscheidt ‘onrealistische, onvoorwaardelijke en onlogische moetens’ (bijv. ik moet presteren want anders…) en ‘realistische moetens’ (bijv. als ik iets wil, moet ik de juiste dingen doen om het te krijgen). RET accepteert je realistische ‘moetens’, en helpt je jouw onrealistische, onvoorwaardelijke en onlogische ‘moetens’ op te sporen en te ontkrachten.

Bij mensen met een burn-out spelen deze ‘onrealistische moetens’ heel vaak een grote rol. Tijdens de toepassing van RET wordt niet geprobeerd om mensen ‘ongevoelig’ te maken voor de gebeurtenissen wat hen overkomen is. Bij nare situaties horen juist adequate negatieve gevoelens.  Bij een burn-out is het vaak zo dat mensen deze adequate negatieve gevoelens willen verdoezelen, willen wegstoppen of zelfs volledig negeren. Deze negatieve emoties/gevoelens zijn dan niet-adequaat…“Ik moet door, ik mag niet opgeven, ik moet sterk zijn, ik mag niet falen, ik moet die verantwoordelijkheid nemen, mensen moeten mij aardig vinden, ik moet de perfecte echtgenote/echtgenoot zijn, ik moet de top bereiken…etc.,etc.”

Ook in de methodiek van Instatera maken wij gebruik van RET om onze cliënten weer realistisch te leren denken, waardoor ze zich weer beter (functioneler) gaan voelen en gedragen. Uiteindelijk is het geweldig te mogen zien en meemaken dat de cliënt accepteert wat er aan de hand is, dat de onplezierige emoties er mogen zijn, zodat er weer een stap gemaakt kan worden om het gewenste doel (weer lichamelijk en geestelijk fit worden) te bereiken…

Monique Willinge Gratama 
Burn-out specialist bij Instatera


Meer over coaching? Lees hier meer informatie


pier-instatera-blog-liselotte-1200x800.jpg
17/nov/2018

Na een periode van rust en vrijstelling van werk wil Nikki heel graag voorzichtig beginnen met re-integreren maar na 2 terugvallen binnen een korte periode stond ik daar wat huiverig tegenover… Toch was ze al ruim een maand stabiel. Twijfel, twijfel… ‘Ah please…?’ vroeg ze hoopvol met grote bruine kijkers. ‘Laten we je rustpols bekijken’ stelde ik voor.

Oei… een rustpols van 104, dat is veel te hoog! Dat valt tegen en is een bittere pil voor Nikki. We kijken wat er gebeurt als ze gaat hardlopen. Haar rustpols daalt. Normaal gesproken gaat de hartslag omhoog bij inspanning maar bij veel mensen met burn-out is dit precies andersom.

Een lichaam met burn-out, draait in rust op volle toeren alsof je aan het hardlopen bent. Als je gaat hardlopen komt het lichaam weer in balans omdat het lichaam de inspanning krijgt waar het op afgesteld staat. Als je dit langzaam opbouwt en daardoor de conditie verbetert, worden de stresshormonen afgevoerd, daalt het stress niveau en door het verbeteren van de conditie daalt de rustpols. Zo wordt iemand mentaal en fysiek weerbaarder tegen stress en burn-out. Daarom is bewegen een belangrijk onderdeel van de Instatera methodiek. Dit moet in het begin uiteraard onder gespecialiseerde begeleiding en met een speciaal aangepast trainingsprogramma.

We beginnen met 3 x 3 minuten hardlopen af te wisselen met 3 minuten wandelen. Tegen de ijskoude snijdende tegenwind in zie ik haar afzien, zich verbijtend tegen de kou en vooral haar tegenzin. Als ik nu terug denk aan8 weken geleden toen ik Nikki overprikkeld en wanhopig aantrof op de bank ben ik trots op wat ze binnen deze korte tijd heeft bereikt.  Door naast regelmatig te bewegen, de juiste inspanning af te wisselen met ontspanning, regelmaat en een gestructureerd dagritme heeft ze week na week, met hier en daar een korte terugval al heel veel bereikt.

Tijdens het hardlopen komt ook haar vechtersmentaliteit naar voren. Het is een mes wat aan twee kanten snijdt. Het heeft haar in haar burn-out geholpen maar nu helpt het haar er uit. Doorzettingsvermogen is een kernkwaliteit maar door signalen lange tijd te negeren en door te werken, is deze kwaliteit langzaam van constructief naar destructief omgebogen. Je kracht kan onder druk ook je valkuil worden. Het omdraaien van destructief gedrag naar blijvend constructief gedrag is een belangrijk onderdeel van haar herstel. De Instatera methodiek helpt mij als coach snel inzicht te krijgen in haar valkuilen. Door fysieke oefeningen en bewegen in de buitenlucht zetten we deze valkuilen om naar opbouw en langdurig herstel. Doorzettingsvermogen zit in de aard van het beestje, dat verander je niet, maar hoe je die kracht inzet wel!

Als we klaar zijn poseert ze bij de Pier in de scherpe ijskoude wind. Dit moet op de foto! Ze begon moe, met een flinke dosis tegenzin maar nu is ze trots, en ik ook!

 

Liselotte Betist – Een dag als coach bij Instatera in beeld. In mijn blog deel ik bijzondere momenten met medewerkers, managers en executives en schrijf ik over de valkuilen waar we allemaal dagelijks mee te maken hebben. Volg me en je wordt automatisch op de hoogte gesteld van mijn volgende blog!


https://www.burnout.expert/wp-content/uploads/2015/12/LISELOTTE.png

Deperfectemedewerker-Instatera.jpg
17/nov/2018

WELKE KERNKWALITEITEN VAN PERSONEEL ZITTEN IN GEVARENZONE VOOR BURN-OUT?

De perfecte werknemer is gedreven, behulpzaam, zorgvuldig, gedisciplineerd en heeft een groot verantwoordelijkheidsgevoel. Dit klinkt ideaal, maar is dat ook zo…?

Kernwaarden zeggen veel over onze persoonlijkheid en wat we belangrijk vinden. Ze zijn diep verweven met wie we zijn: ze beïnvloeden ons beeld, ons oordeel over onszelf, over anderen én zijn de drijfveer achter ons gedrag. Onderdeel van de Instatera methodiek is om de belangrijkste kernwaarden van mensen te achterhalen. Aan de hand van fysieke oefeningen in de natuur achterhalen we welke valkuilen, allergieën en uitdagingen aan de kernwaarden verbonden zijn. Met de zogeheten Kernkwadranten Oefening achterhalen we welke valkuilen, allergieën en uitdagingen aan deze kernwaarden verbonden zijn.

Een kernkwaliteit is een persoonlijke eigenschap die ingezet wordt om een belangrijk doel te bereiken. Maar elke goede eigenschap heeft een kantelpunt waarbij de waarden van constructief naar destructief neigen. Op het moment dat iemand onder druk komt te staan kan een kernwaarde zich omzetten in een valkuil. Valkuilen zijn energie vreters en maken iemand op de lange termijn gevoelig voor burn-out. Wat zijn de belangrijkste kernkwaliteiten die mensen gevoelig maken voor burn-out? We kijken naar de eigenschappen en de valkuilen die het meeste voorkomen bij onze cliënten;

Verantwoordelijkheidsgevoel
Iemand met een groot verantwoordelijkheidsgevoel neemt graag belangrijke taken op zich en voert deze gedisciplineerd uit. Alleen als de stroom van werk sterk toeneemt heeft deze persoon de neiging om teveel hooi op zijn vork te nemen en heeft daarbij moeite met het vragen om hulp. Voor je het weet zit deze manager het werk van de hele afdeling te doen, draait hij overuren en ligt uitval op de loer.

Behulpzaamheid
Je kent hem wel, die collega die er altijd is, altijd ja zegt en voor je klaar staat als het nodig is. Deze mensen binnen een organisatie zijn goud waard. Des te belangrijker om ervoor te zorgen dat ze niet uitvallen. Een behulpzaam persoon cijfert zijn eigen behoeften en prioriteiten makkelijk weg en komt daardoor vaak niet aan zijn eigen taken toe waardoor de werkdruk onnodig toeneemt. Door voor iedereen klaar te staan geef je ook onbewust en vaak ongewild een signaal af dat je denkt dat een ander niet capabel is. Ook is het belangrijk te kijken naar waarom deze persoon altijd iedereen wil helpen. Het kan een teken zijn van behoefte aan erkenning of waardering. Het autonoom werken is voor de behulpzame medewerker een uitdaging maar helpt hen beter in hun eigen kracht te staan.

 

https://www.burnout.expert/wp-content/uploads/2017/07/Solvo_728x902.jpg

Perfectionisme
De zorgvuldige medewerker heeft oog voor detail. Niets ontgaat hem. Hij checkt zijn werk meerdere malen en levert zonder uitzondering foutloos werk af. Het probleem met zorgvuldigheid is dat het snel om kan slaan in perfectionisme, een eigenschap die vaak in verband wordt gebracht met burn-out. De uitdaging voor deze medewerker is om zich niet verliezen in de details maar zich blijven richten op het doel van de taak. Zorgvuldige mensen geven vaak 150% terwijl het werk op 80% ook al prachtig is. Hierdoor lopen ze de kans onnodig overbelast te raken.

Discipline
Mensen met discipline hebben vaak een ijzersterk doorzettingsvermogen. Ze bijten zich vast in een taak en laten pas los als de taak is volbracht. Maar ten koste van wat….? Een uitdaging voor een streng gedisciplineerd persoon is het tijdig loslaten wanneer een taak te moeilijk wordt of het vragen om hulp als hij het alleen niet meer kan. Belangrijk voor deze mensen is om flexibiliteit te omarmen en kritisch te kijken naar wat de discipline hen brengt en kost.

Om duurzaam het optimale uit uw team te halen is het is belangrijk om overdaad van deze kwaliteiten tijdig te signaleren en uw medewerkers hier  op te managen. Het is belangrijk hen weerbaar te maken tegen de valkuilen en ze voor te lichten hoe ze hun kwaliteiten constructief kunnen blijven inzetten om uw organisatie te versterken en zo onnodig uitval te voorkomen. De moderne manager ontkomt er niet aan om stressmanagement op de agenda te zetten.  Lees hier meer over onze stress preventie programma’s.


50% van verzuim is stressgerelateerd. Een euro investering in preventie verdient zich 4 x terug.

Stress preventie programma


Meer informatie over preventieve aanpak

1a17b5c70fb1252936111e685c9db46c58489304-1200x675.jpg
17/nov/2018


Aanbevolen boeken door onze stress en burn-out specialisten

Marc Jutte Instatera

Marc Jutte: De Kracht van Burn-out, geschreven door Armando Theunisse en Clemence Leijten.

“De Titel labelt het fenomeen positief. Ten eerste gaat het uit van “kracht” dat is wat wij met Instatera ook nastreven. Mensen weer in hun kracht zetten.
Daarnaast gaat het over het herstel van een gezonde balans (tussen actief en passief, denken en voelen, en bipolariteit (we hebben van alle eigenschappen beide “ tegenpolen”  in huis maar het ene is extreem ontwikkeld en het andere is onder ontwikkeld) Het benadrukt de kracht van ademhaling.

Ook gaan ze in op het feit dat er een cultuuromslag nodig is om burn-out een halt toe te roepen. Het is daarmee een boek voor mensen met burn-out maar ook voor HR-managers en beleidsmakers.”
De Kracht van burn-out € 22,95

 

Mirriam Gulje Instatera

Mirriam Gulje: Nooit meer Burn-out, geschreven door Anita Roelands.

“Nooit meer Burn-out is een helder en praktisch boek. De echte sleutels voor succesvol herstel komen zeer overeen met de Instatera methode: conditie opbouwen, valkuilen herkennen en ombuigen, anders omgaan met dagelijkse uitdagingen en weer genieten. Het is ook nuttig voor bedrijfsartsen, HR, coaches en therapeuten.”
Nooit meer burn-out € 21,90

 

Liselotte Betist Instatera

Liselotte Betist: When the body says no, geschreven door Gabor Mate.

Het boek dat de meeste indruk op mij heeft gemaakt als burn-out en stress specialist, is het boek ‘When the body says No’ van Gabor Maté. Gabor Maté heeft 20 jaar als arts gewerkt in Vancouver en is zich gaan specialiseren in stress, trauma en verslavingen. Zijn boek ‘When the body says no’ is een controversieel boek waarbij hij ALS, ADD, ADHD en kanker aan bepaalde type persoonlijkheden koppelt. Een zeer interessant boek als je iets dieper in de medische en psychologische kant van stress wilt duiken. Daarbij sluit het naadloos aan bij de Instatera methodiek waarbij we de destructieve copingstijlen die bij deze persoonlijkheidskenmerken horen ombuigen naar constructieve copingstijlen die grenzen bewaken en behoeften kenbaar maken.”
When the body says no € 16,99

 

Monique Willinge Gratama Instatera

Monique Willinge Gratama: De kunst van het verdwijnen, geschreven door Sarah Domogala.

Een zeer aangrijpend autobiografisch verhaal. Het boek is heel persoonlijk en eerlijk, maar tegelijkertijd gaat het over een hele generatie. De druk om te presteren, de druk om de beste te worden in iets, jezelf te bewijzen, de angst om te falen.

Hoe pijnlijk is het om in een burn-out te raken, hoe lang duurt het en hoe hard slaat de wanhoop toe. Dit kan voor (bijna) burn-outs een confronterend beeld zijn. In dat geval namelijk, zitten ook zij vlak bij de rand van die diepe put waarin je valt als je een burn-out hebt.

De schrijfster heeft in ieder geval geleerd anders naar de wereld en naar zichzelf te kijken. Het gaf haar de kans om zichzelf te worden. Is dit dan reden om te wanhopen? Nee, volgens de schrijfster is haar burn-out misschien wel het beste wat haar is overkomen.”
De kunst van het verdwijnen € 17,99


https://www.burnout.expert/wp-content/uploads/2016/12/Solvo_728x90.jpg

IMG_0414-1200x900.jpeg
17/nov/2018

Buiten sessies met burn-out/stress specialist Liselotte

Emoties een gevaar of een hulpmiddel bij stress?!

Wanneer ik haar tegemoet kom lopen zie ik het meteen. Ze heeft ‘De Switch’ gemaakt ; Ik ga beter worden!

Door een traumatische jeugd heeft Maaike zichzelf aangeleerd om haar gevoel uit te schakelen en zich op de zorg van anderen te richten. Ze kwam, als woonbegeleider voor verstandelijk gehandicapten, door ernstige schouderklachten thuis te zitten. Een paar weken later klapte ze fysiek in elkaar tijdens een familie uitje. De huisarts constateerde burn-out. Kort daarna kwam ze bij mij.

Het hoofdthema tijdens de begeleiding van Maaike is het toelaten, voelen, erkennen en herkennen van emoties. De prijs die je voor niet-voelen betaalt is hoog. Je voelt minder verdriet maar ook minder blijdschap. Je voelt minder pijn maar ook geen grenzen. Deze eigenschap maakt het je gevoelig voor burn-out.

Toch zijn veel mensen jarenlang bezig om emoties te onderdrukken, weg te eten, drinken, kopen, of te werken. Emoties hebben een functie; ze nemen waardevolle informatie en lessen met zich mee. Door de emotie niet toe te laten, wijs je ook de les en de informatie af.

De angst dat een emotie blijvend is, is de voornaamste motivatie om deze te onderdrukken. Volgens de Amerikaanse hersenonderzoekster Jill Bolte Taylor, duurt het voelen van een heftige emotie maar 90 seconden. Alles wat je daarna voelt is een keuze.

Als je de emotie volledig toelaat, is er na 90 seconden niets meer in het lichaam van terug te vinden. Alles wat je daarna voelt, zijn je gedachten die de emotie onder controle proberen te krijgen of ermee aan de haal gaan. Het verzet tegen de emotie creëert keer op keer dezelfde chemische reactie in het lichaam en zorgt ervoor dat de emotie langer duurt. Niet voelen werkt dus averechts!

Het uitzetten van het gevoel is een ‘coping stijl’. Onderdeel van de Instatera methode is om een destructieve coping – zoals niet voelen – op te sporen en deze om te buigen naar een constructieve coping.  Andere destructieve coping stijlen zijn; negeren, stimulatie & afleiding zoeken (drinken, gokken, thrill seekers), bagatelliseren, sociaal terugtrekken, boosheid, prikkelbaar, afwachten etc.

Omdat het voelen en praten over emoties zo onwennig is, heb ik Maaike voorgesteld dagelijks op te schrijven hoe ze zicht voelt. Zo leert ze op een veilige manier de emoties toe te laten, ze te beschrijven en weer los te laten.

Een paar weken later komt ze trots aanlopen. Ik zie een duidelijke verandering bij haar. Nieuwe energie en ze straalt een bepaalde trots uit. Stralend haalt ze haar dag boekje tevoorschijn. Het schrijven werkt! Ze versiert elke bladzijde met tekeningen en quotes en het is helemaal van haar.

Door verantwoording te nemen voor wat ze voelt, de emoties toe te laten en op te schrijven ontstaat er ruimte in haar hoofd. En hierdoor rust voor verder herstel.

We zijn er nog niet maar de moeilijkste stap is gezet. Vanaf hier, the only way is up!

Liselotte Betist is Stress Specialist bij Instatera, moeder van 2 kinderen en de hond Rommel. Haar passie is het begeleiden van mensen bij stress en burn-out en deelt in deze blog maandelijks bijzondere ervaringen en inzichten uit haar sessies.


https://www.burnout.expert/wp-content/uploads/2017/01/Solvo_300x600-20182.jpg


ademhaling-1200x800.jpg
17/nov/2018

We weten allemaal dat sporten helpt bij stress. Maar… is dat altijd zo?

Hoe je sport en met name hoe je herstelt, bepaald of het stress hormoon cortisol in je bloed daadwerkelijk afneemt.

Onder langdurige stress, staat het lichaam afgesteld op het niveau van iemand die aan het hardlopen is; hoge hartslag, hoge ademhaling. Door rustig te gaan hardlopen breng je het lichaam weer in balans, omdat het dan de inspanning krijgt waarop het staat afgesteld. Zonder die inspanning ontwikkel je klachten als paniek, angst of een onrustig gevoel vanwege de hoge adrenaline en cortisol.

Sporten is dus goed mits het daarna weer in herstel wordt gebracht. Daarom is het belangrijk dat je na de inspanningsprikkel een ontspanningsmoment inplant. De beste manier om de ademhaling en de hartslag weer naar beneden te brengen is door de volgende simpele ademhaling te doen.

OEFENING: Wacht tot je ademhaling na het hardlopen is genormaliseerd en adem in en uit zoals je gewend bent. Probeer na de uitademing een pauze in te lassen. Dus bijvoorbeeld; 3 seconden inademen, 3 seconden uitademen, 3 seconden rust. Herhaal dit ongeveer 2-5 minuten na de inspanning om de hartslag en de ademhaling en het lichaam helemaal tot rust te brengen.


https://www.burnout.expert/wp-content/uploads/2015/11/Solvo_300x250-2018.jpg

Expert_Buitenkantoor-1200x800.jpg
17/nov/2018


Welkom buiten in ons kantoor!

Bij Instatera begeleiden we al onze klanten buiten in de natuur, een wezenlijk onderdeel van onze methodiek. Het is wetenschappelijk bewezen dat dit stress verlagend werkt. Je hartslag, bloedruk en stresshormoon dalen en je immuunsysteem en gemoedstoestand krijgen een natuurlijke boost, daarom is het bos ons kantoor. Iedereen herkent wel dat het makkelijker praten is tijdens een mooie wandeling dan dat je tegenover elkaar in een kantoor zit.

Bij langdurige stress kan het lichaam uit balans raken, omdat het door de stress meer energie verbruikt dan nodig is terwijl er geen arbeid tegenover staat. Disbalans. Door te bewegen geef je je lichaam de arbeid die het nodig heeft om de stress af te voeren waardoor je de balans weer terugbrengt.

Na een stukje bewegen/hardlopen doen we een korte ademhalingsoefening waarbij we de hartslag weer tot rust brengen en het lichaam opnieuw leren te ontspannen.

Het is een misvatting dat hardlopen betekent dat je hard moet kunnen rennen. Begin in een tempo dat prettig voelt en begin met slechts 5 minuten. Dit bouw je rustig met 1 of 2 minuten op. Zorg dat je nog gewoon kunt praten tijdens het lopen en dat er telkens 45 uur tussen je trainingsmomenten zit zodat je optimaal kunt herstellen.

Lukt hardlopen niet? Ga dan regelmatig naar buiten en probeer minimaal 30 minuten per dag een mooie wandeling te maken. Kijk om je heen en laat de natuur op je inwerken. De Japanners hebben er zelfs een naam voor ‘Forest bathing’.


https://www.burnout.expert/wp-content/uploads/2017/01/Solvo_300x600-20182.jpg

nrc-1200x800.jpg
17/nov/2018

Burn-out. Wat is er wetenschappelijk bekend over de oorzaken van burn-out? En vijf andere vragen.

Soms lijkt het wel alsof er een epidemie van burn-out over ons land trekt. Is net de ene collega weer voorzichtig aan het werk, valt de volgende om. Vaak tot hun eigen verbazing. Want je hóórt wel veel over burn-out – het onderwerp staat in de bladen en er zijn vele boeken over volgeschreven – maar dat zijn vaak verhalen van mensen die over hun eigen ervaringen vertellen. Die mensen zagen het allemaal niet aankomen, anders hadden ze er wel iets aan gedaan, maar ineens konden ze niets meer.

Hun verhalen hebben doorgaans een klassieke spanningsboog: eerst is er succes en heel hard werken, dan komt de klap van de massieve vermoeidheid, waarna de hoofdpersoon met vallen en opstaan een nieuw, meestal beter evenwicht in het leven vindt, gericht op iets hogers dan geld of succes. Mooie verhalen zijn het.

Maar wat is een burn-out eigenlijk? Wat is er wetenschappelijk bekend over de oorzaken? En zitten we nu echt middenin een epidemie? In deze serie artikelen over burn-out beginnen we bij de basis: waar hebben we het over, als we het over burn-out hebben? Zes vragen.

 

  • Wat is een burn-out?

    Volgens een oude dooddoener is het IQ datgene wat een IQ-test meet. Datzelfde kun je zeggen over burn-out: een burn-out is datgene wat een burn-outvragenlijst meet. En veel wetenschappers zéggen dat inderdaad.

    In de wetenschappelijke literatuur wordt een burn-out namelijk vaak gedefinieerd als een combinatie van drie dingen: uitputting, een cynische houding tegenover het werk en het gevoel dat het niet meer lukt om het werk goed te doen. En die driedeling komt uit de internationaal meestgebruikte vragenlijst voor burn-out: de Maslach Burn-out Inventory (MBI), in 1981 gepubliceerd door de Amerikaanse psycholoog Christina Maslach.

    „Zij heeft in de jaren zeventig en tachtig interviews gehouden met mensen die extreme emotionele uitputting voelden op het werk”, vertelt burn-out-expert Wilmar Schaufeli, hoogleraar arbeids- en organisatiepsychologie aan de Universiteit Utrecht en de KU Leuven. „Maslach sprak met mensen met sociale beroepen (hulpverleners, leerkrachten, maar ook politieagenten). Die kwamen toen zelf met het woord burn-out.”

    Op basis van die interviews bedacht Maslach vragenlijst-items (zoals I feel emotionally drained from my work, ‘nooit’ tot ‘elke dag’) om het concept burn-out te ‘meten’. Dat is normaal in dit soort onderzoek. Vervolgens keek ze, ook dat is gebruikelijk, of er clusters van vragen waren waarop de antwoorden vaak met elkaar samenhingen. Daar kwamen die drie clusters – uitputting, cynisme en verminderde bekwaamheid – uit, een driedeling die daarna „redelijk vaak” is teruggevonden, vertelt Schaufeli. Zijn Nederlandse bewerking van de MBI, de Utrechtse Burn-out Schaal (UBOS) uit 2000, heeft ook die drie clusters.

    Maar de Multidisciplinaire richtlijn overspanning en burn-out, die Nederlandse bedrijfsartsen, eerstelijnspsychologen en huisartsen – praktijkmensen dus – in 2011 publiceerden, hanteert een definitie waarin die drie clusters niet centraal staan en waarin cynisme zelfs geen noodzakelijk symptoom is. Burn-out wordt in die richtlijn gedefinieerd als een vorm van overspanning die meer dan een half jaar duurt en waarbij de nadruk ligt op vermoeidheid, maar waarbij zich ook symptomen als prikkelbaarheid, labiliteit en concentratieproblemen kunnen voordoen.

    Zo op het oog lijkt die definitie goed te vangen wat er gebeurt als mensen een collega (of zichzelf) zien ‘omvallen’ op het werk. Beter dan de op Maslachs werk geïnspireerde constatering: aha, die is kennelijk uitgeput, cynisch, en kan niks meer.

    Mensen willen graag horen dat er een hormonaal probleem is, ze willen dat het niet aan hen ligt

    Daar is Wilmar Schaufeli het mee eens. Samen met Steffie Desart en Hans De Witte van de KU Leuven werkt hij aan een nieuwe wetenschappelijke definitie van burn-out. Ze hebben bedrijfsartsen, coaches, huisartsen en psychologen geïnterviewd over de symptomen van burn-outpatiënten. Ze concludeerden dat algehele uitputting het kernsymptoom is, waaruit drie andere soorten symptomen voortkomen: cognitief controleverlies (bijvoorbeeld geheugen- en concentratieproblemen), emotioneel controleverlies (bijvoorbeeld huilbuien, woedeaanvallen) en mentale distantie (bijvoorbeeld weerstand tegen het werk, cynisme).

    „Doordat je zo moe bent, kun je je eigen gedachten en emoties niet meer reguleren”, legt Schaufeli uit.

    „En dan wil je in een poging tot zelfbescherming afstand nemen tot je werk en de mensen daar, maar dat maakt het alleen maar erger. Want dan worden de relaties met die mensen slechter, dus je werk wordt slechter. Dat maakt het nog zwaarder.”

    En dat leidt weer tot depressieve klachten en spanningsklachten, denken de wetenschappers. Burn-outpatiënten zijn vaak somber, slapen slecht, piekeren en rapporteren een heel scala aan lichamelijke klachten: hoofdpijn, buikpijn, spierpijn, hartkloppingen, huiduitslag, vatbaarheid voor ontstekingen en nog veel meer. Waarschijnlijk werken al die symptomen ook op elkaar in en kunnen ze elkaar versterken: wie steeds vage klachten heeft, kan daar slecht van gaan slapen en raakt nog vermoeider.

    Schaufeli en zijn collega’s zijn een nieuwe burn-outvragenlijst aan het ontwikkelen: de Burn-out Assessment Tool (BAT), die naar al die symptomen vraagt. Vervolgens moeten ze aantonen dat de BAT beter onderscheid maakt tussen mensen mét en mensen zónder burn-out dan bestaande vragenlijsten. Als dat zo blijkt te zijn, zou het instrument nog wetenschappelijk ingeburgerd moeten raken.

    „Ik heb een consortium opgericht met onderzoekers uit meer dan twintig landen, in de hoop en verwachting dat zij onze vragenlijst gaan gebruiken”, zegt Schaufeli. „Kwestie van contacten en lobbyen.” Wetenschapspolitiek. Als dat allemaal lukt, dan is een burn-out dus straks opnieuw wat een burn-outvragenlijst meet, maar anders – beter – dan eerst.

  • Hoe onderscheid je een burn-out van een depressie?

    Moeilijk, want er is een overlap in symptomen, zoals somberheid en slaapproblemen. Maar bij depressie, zegt Schaufeli, hebben mensen vrijwel nergens meer plezier in. „Bij burn-out genieten patiënten vaak nog wel van bijvoorbeeld een film of van hun kinderen. Maar er is zeker een overlappend gebied. Dat is óók de ‘schuld’ van het depressiebegrip, dat niet heel scherp gedefinieerd is, zeker niet in de volksmond.” Net zo min als burn-out, waarvan ook mensen die het krijgen vaak niet precies weten wat het is.

    De criteria voor depressie staan in psychiatrisch handboek DSM-5; je moet dan minstens vijf van een lijstje van negen symptomen hebben, waaronder aanhoudende somberheid en/of plezierverlies. Burn-out staat niet in de DSM-5. Het zou in dat boek bij de aanpassingsstoornissen horen: disproportioneel lijden en/of beperkingen in het dagelijks functioneren als reactie op een ‘stressor’.

    Psychiatrische stoornissen zijn sowieso moeilijk af te bakenen. Als je lang met een burn-out doorloopt, zegt Schaufeli, kun je depressief worden.

  • Is een burn-out vooral psychisch of vooral lichamelijk?

    De klachten waarmee opgebrande mensen zich bij hun arts melden, kunnen zowel psychisch als lichamelijk zijn: somberheid, slaapproblemen, piekeren, paniekaanvallen en een hele baaierd aan lichamelijke klachten, van hartkloppingen tot huiduitslag (‘psychosomatische spanningsklachten’, noemen de Leuvenaren die). Het idee is dat al die symptomen ontstaan door algehele uitputting en dat ze ook weer bijdragen aan verdere vermoeidheid. Wat precies oorzaak en wat gevolg is, is moeilijk te onderzoeken.

    Vermoeidheid is sowieso een lastig concept, zegt Schaufeli. Is vermoeidheid psychisch, is het lichamelijk? „Ik denk dat je dat niet kunt onderscheiden, en ik denk ook dat er nooit een stofje gevonden zal worden dat vermoeidheid veroorzaakt.” Daar hebben onderzoekers wel naar gezocht, net zoals er gezocht is naar objectieve manieren om de diagnose burn-out te kunnen stellen, met ‘biomarkers’, zoals hormonen. Maar dat lukt dus (nog) niet. Helaas. „Mensen willen graag horen dat er een hormonaal probleem is”, zegt Schaufeli. „Ze willen dat het niet aan hen ligt.” En dat is ook niet zo – het ligt in elk geval niet louter aan hen.


https://www.burnout.expert/wp-content/uploads/2017/07/Solvo_728x902.jpg

  • Wat is de oorzaak?

    In de wetenschap wordt als belangrijkste oorzaak van een burn-out meestal een verstoorde balans genoemd tussen enerzijds wat iemand allemaal moet op het werk (van de baas of van zichzelf), en anderzijds wat diegene allemaal terugkrijgt van het werk, bijvoorbeeld autonomie, waardering, gezellige collega’s, een goed salaris, prettige werkroosters, zien dat het werk resultaat oplevert. „Er zijn heel veel mensen die hard werken en nooit burned-out raken”, zegt Schaufeli. „Je kunt meer hebben naarmate je meer compensatie krijgt. Het gaat om de balans.” Dat geldt trouwens ook, zegt hij, voor het evenwicht tussen inspanning en herstel: wie niet uitrust, wordt steeds vermoeider.

    Het is wel zo dat sommige mensen meer kans lopen op een burn-out dan andere. Bij perfectionisten en mensen die moeilijk ‘nee’ kunnen zeggen, raken bovenstaande evenwichten bijvoorbeeld makkelijker verstoord. Mensen die ‘bevlogen’ zijn, zoals psychologen dat graag noemen, dus die erg genieten van hun werk, lopen juist minder risico – mits ze het werk ook kunnen loslaten. Workaholics die niet werken, daarentegen, voelen zich nutteloos, zegt Schaufeli. „Dan is het dwangmatig, die mensen lopen juist een verhoogd risico op burn-out.”

    Volgens de Amerikaanse psycholoog Christina Maslach, die ook nog steeds over burn-out publiceert, moeten we de oorzaak vooral niet louter bij de persoon zoeken; de rol van de werkomgeving negeren verergert het probleem. Zij is dan ook blij dat burn-out niet in de DSM staat als psychologische tekortkoming of ziekte. Eerder dit jaar schreef Maslach over het gevaar dat mensen niet over hun vermoeidheid durven praten op het werk uit angst om zwak gevonden te worden. In organisaties met zo’n angstcultuur lopen mensen een hoger risico op burn-out.

    Burn-out kan in zekere zin ‘besmettelijk’ zijn

    En burn-out kan in zekere zin ‘besmettelijk’ zijn, schreef ze: mensen raken cynisch en geïrriteerd, er komen conflicten, het werk wordt niet goed gedaan, de volgende valt uit. Maslach vindt burn-out „meer een kenmerk van teams dan een individueel syndroom”.

    Of mensen ook burned-out kunnen raken door vervelende gebeurtenissen buiten het werk is onduidelijk. Volgens Schaufeli en ook volgens organisatiepsycholoog Arnold Bakker (Erasmus Universiteit) is er wel een verband tussen privé-problemen en burn-out, maar er is nog te weinig onderzoek naar gedaan. Net als naar de rol van bredere maatschappelijke ontwikkelingen, zoals het toegenomen individualisme.

 

Hoeveel mensen in Nederland hebben een burn-out?

Dat weten we niet. Er gaan wel cijfers rond, maar bij al die cijfers is wel een kanttekening te maken.

De bekendste cijfers zijn waarschijnlijk die van de jaarlijkse Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden (NEA) van TNO en het CBS onder ruim 46.000 werkende Nederlanders: in 2015 en 2016 kampten ongeveer 1 op de 7 werknemers met burn-outklachten. Maar ten eerste is dat onderzoek gedaan onder werkenden; de opgebrande thuiszitters zijn dus niet meegerekend. De NEA vraagt wel naar de reden van het laatste ziekteverzuim; 4,5 procent vulde daar ‘psychische klachten, overspannenheid, burn-out’ in. Daar zitten dus ook andere psychische klachten bij.

Een tweede punt is dat de in de NEA gebruikte vragen niet wetenschappelijk gevalideerd zijn om burn-out vast te stellen. De vragen zijn een bewerking van die uit de eerder genoemde UBOS, maar dan alléén van de vragen naar vermoeidheid, de NEA vraagt niet naar cynisme en verminderde werkprestaties.

Psychische vermoeidheid hoort gewoon bij onze moderne manier van werken

En zelfs al zou de volledige UBOS zijn afgenomen bij een representatieve steekproef van de Nederlandse volwassenen, dan was het nog niet goed, zegt Schaufeli over zijn eigen vragenlijst. Want er is in 2000 voor het laatst gekeken of de UBOS burn-outpatiënten goed kan onderscheiden van mensen die niet opgebrand zijn en dat is te lang geleden: de normen zijn verouderd. Deze cijfers geven dus wel een indicatie van het aantal Nederlanders dat zich heel moe voelt door het werk, maar geven niet het aantal mensen met burn-out weer.

Dat wordt ook nergens goed bijgehouden. Arbodiensten en bedrijfsartsen zouden het aan het Nationaal Centrum voor Beroepsziekten (NCvB) moeten doorgeven, maar volgens het NCvB gebeurt dat niet consequent. Dat maakt hun cijfers moeilijk te interpreteren. Sinds 2014 waren er steeds tussen 700 en 800 meldingen van burn-out en circa 1.200 meldingen van overspannenheid per jaar, terwijl Nederland zo’n 7 miljoen werknemers telt.

Volgens uitkeringsinstantie UWV hadden in 2016 in totaal 4.965 mensen met een burn-out een arbeidsongeschiktheidsuitkering (WAO of WIA), op een totaal van 546.311 uitkeringsgerechtigden. Bijna de helft van hen is al tien jaar of langer ziek. Die kunnen trouwens nog een andere aandoening náást hun burn-out hebben.

 

Is burn-out nu een epidemie?

Nee, het is overdreven om van een epidemie te spreken, zegt Irene Houtman, de burn-outpecialist bij TNO. De burn-outklachten waarnaar de NEA vraagt, zijn de laatste jaren amper toegenomen. Het percentage werknemers met burn-outklachten stijgt weliswaar licht sinds 2013, maar het is de vraag of die stijging doorzet. En het aantal mensen dat overspannen de huisarts bezocht, daalt sinds 1990 zelfs nog steeds een beetje, is te zien op de site volksgezondheidenzorg.info van het RIVM.

„Een epidemie? Welnee”, zegt ook Schaufeli. „Toen ik in 1994 hoogleraar werd en het in mijn inaugurele rede over burn-out had, zeiden ze dat ook al.” Maar psychische vermoeidheid hoort gewoon bij onze moderne manier van werken, zegt hij. „Veel mensen werken niet meer met hun handen. We werken samen met andere mensen, we moeten conflicten oplossen, we moeten onszelf in de hand houden omdat je met computers overal kunt werken. De belasting is nu psychisch. Bij lichamelijk werk hoort lichamelijke slijtage; het moderne werk vraagt mentaal kapitaal, dus dan raak je mentaal uitgeput.”

Bron: NRC


Meer informatie over begeleiding?

zienstresscollega-1200x800.jpg
17/nov/2018

Lees hier tips wat je kunt doen wanneer je stress signaleert bij een collega of een medewerker.Deze stap is lastig, maar belangrijk aangezien de persoon in kwestie vaak te diep in de situatie zit. De collega vindt vaak dat het allemaal wel meevalt en denkt dat hij het allemaal wel aankan. Bovendien wil de collega zich niet als “zwak” opstellen en zal hij minder snel toegeven dat de druk teveel is.

Je kunt de volgende acties ondernemen:

  • Ga met de collega een open gesprek aan. Bij voorkeur buiten, lopend. Even los van de werkomgeving
  • Geef tijdens het gesprek aan wat jou de laatste tijd opvalt en vraag de collega hoe het gaat zowel op het werk als privé
  • Geef aan dat de collega altijd kan praten met de HR manager als hij ergens moeite mee heeft
  • Geef aan dat om hulp vragen of erkennen dat het werk op dit moment teveel is geen zwakte is maar juist een kracht
  • Vraag aan de collega of hij zij op dit moment ondersteuning nodig heeft en hoe hij dat voor zich ziet
  • Geef het belang aan van een fitte werknemer (zowel voor de organisatie als de medewerker zelf)
  • Organiseer een workshop / informatiebijeenkomst waarin je collega’s uitlegt wat het belang is van stress management en het herkennen van signalen
  • Organiseer een bijeenkomst voor leidinggevenden gericht op het belang van een vitale werknemer, de rol van stress en de impact van stress op het team en het resultaat van de organisatie
  • Organiseer een bijeenkomst waarbij leidinggevenden stresssignalen bij zichzelf en binnen hun team kunnen leren kennen; en geef tools mee om met stress binnen het team om te gaan

Instatera heeft een interactieve training voor stress op het werk met veel aandacht voor fysieke oefeningen. Waarin medewerkers ervaren waar valkuilen liggen en ontwikkelen de medewerkers concrete handvatten om beter met stress om te gaan en duurzaam beter en prettiger te werken met bij behorend effectief gedrag.


Meer informatie over stress preventie voor bedrijven

Initiatief nemers

Instatera specialisten in burn out en stress management

Contact

Instatera - Specialisten in burn-out en stressmanagement.

Herengracht 124
1015 NH Amsterdam

+020 737 13 86

info@instatera.org